Dolfje Weerwolfje

About this book
Als Dolfje wakker wordt, is het donker. De maan schijnt in zijn kamer. Het is een bijzondere nacht. Zeven, denkt Dolfje. Eindelijk ben ik zeven jaar. Dan schrikt hij zich rot. Hij ziet opeens overal haar. Zijn handen en voeten zijn poten geworden. En hij heeft een staart. Dan komt Timmy binnen. "Ik wil dit niet," gromt Dolfje. "Misschien gaat dit vanzelf wel over," zegt Timmy. "Ja jij hebt makkelijk praten," gromt Dolfje. "En als het niet overgaat? Wat dan?"
Details
- First published
- 1998
- OL Work ID
- OL2286363W