Alsof men alles loslaat
Alsof men alles loslaat
About this book
Er zijn maar weinig dichters voor wie leven, werkelijkheid en taal zo'n naadloos continuüm vormen als Michaël Slory. Al wat de in 1935 in het Surinaamse district Coronie geboren dichter meemaakt, ziet, voelt, ruikt, leest of bedenkt zet zich om in poëtische taal. Dat kan in elke traditionele of vrije versvorm zijn. En het kan zijn in het Nederlands, in het Sranantongo, in het Spaans waarmee hij in de jaren '80 van de 20ste eeuw begon te experimenteren, of in het Engels dat hij na 2000 beproefde als poëzietaal. De eerste versies van de gedichten werden geschreven tussen 1986 en 2016 en later door Slory herzien, bijgeschaafd of soms grondig bewerkt. Geen enkele dichter is zo'n conservator van de enorm uitgebreide taalschat van het Sranantongo als Slory. Tien gedichten werden door Michiel van Kempen in samenwerking met Ed Hart vertaald naar het Nederlands en vóór publicatie ter autorisatie voorgelegd aan de dichter.
Details
- OL Work ID
- OL43874830W